1. Cases
  2. Vernieuwend werken in de zorg

Vernieuwend werken in de zorg

Een toekomstbestendige zorg begint bij de medewerkers. Zij weten als geen ander waar kansen liggen om zaken slimmer te organiseren. Organisaties die zorgprofessionals de ruimte geven om ideeën te ontwikkelen en kennis te delen, stimuleren échte innovatie. Leergang Vernieuwend Werken in de Zorg laat zorgprofessionals eigen ideeën uitvoeren

‘Steeds meer mensen hebben zorg nodig, we kunnen de kosten niet meer betalen en we voorzien dat te weinig professionals in de zorgsector willen blijven werken.’ Maartje van Boekholt, kwartiermaker innovatie bij zorginstelling Reinaerde, schetst waarom het hard nodig is dat we de zorg op een andere manier gaan inrichten.

Ook de commissie Werken in de Zorg, die in opdracht van het ministerie van VWS de behoefte aan vernieuwing in de zorg inventariseerde, komt tot die conclusie. Volgens de commissie moet de zorg fundamenteel veranderen om te kunnen blijven voldoen aan de zorgvraag. Belangrijke pijlers zijn: behoud en betrokkenheid van zorgprofessionals, onderwijsvernieuwing, sociale en technologische innovatie, en besturen vanuit een gezamenlijke maatschappelijke opgave.

Over Vernieuwend Werken in de Zorg

Tijdens de leergang Vernieuwend Werken in de Zorg krijgen zorgmedewerkers in drie dagen kennis aangereikt over sociale innovatie. Er is veel aandacht voor persoonlijke vaardigheden. Tijdens workouts werken de deelnemers aan hun eigen verbeteridee. Hun leidinggevenden staan ze terzijde met raad en daad. Halverwege komen de deelnemers samen voor een avondsessie over het thema leiderschap. Het programma eindigt met een gezamenlijke bijeenkomst om de leeropbrengsten te borgen en de eerste vervolgstappen te plannen. Het ministerie van VWS heeft de leergang erkend als Koploper-project.

Maartje van Boekholt en haar collega Hanno de Schipper zijn ervan overtuigd dat de zorgprofessionals zelf de sleutel zijn tot echte innovatie. Alleen hebben zorgmedewerkers daarvoor wel de handvatten nodig. Daarom ontwikkelden Van Boekholt en De Schipper het afgelopen jaar de leergang Vernieuwend Werken in de Zorg, samen met de Erasmus Universiteit. ‘Het viel me op dat we in de zorg onder leren en ontwikkelen verstaan: kennis opdoen, en dan vooral medische kennis’, zegt Van Boekholt. ‘Maar wat je echt nodig hebt is dat mensen die kennis kunnen tóepassen.’

Opbrengsten

Zorg anders inrichten

De verandering begint op de werkvloer, stelt Van Boekholt. ‘Maar de mensen die aan het bed staan of die de zorg coördineren worden nauwelijks meegenomen in de veranderingen. Een gevolg is dat werknemers sneller vertrekken dan dat we ze kunnen aantrekken. Daarom dacht ik: kunnen we niet een programma ontwikkelen dat ook helpt met binden en boeien? Een praktische leergang die ingaat op de vraag hoe verplegers, verzorgers en begeleiders zaken kunnen verbeteren, vernieuwen en veranderen was er eigenlijk nog niet.’

Technologie is daarbij slechts een middel, vult collega Hanno de Schipper aan. Hij is strategisch adviseur sociale innovatie bij Reinaerde. ‘Uit verschillende onderzoeken blijkt dat een groot deel van de innovatie zit in onbenut potentieel van de medewerkers. De oorzaken kunnen liggen in drempels die mensen ervaren; dat ze op een bepaalde manier worden tegengehouden, niet gezien of gehoord worden of het netwerk niet opzoeken.’

Voorbeeld uit de havens

In haar zoektocht naar voorbeelden van opleidingen die medewerkers klaarstomen voor de toekomst kwam Van Boekholt uit bij de Rotterdamse havens. Daar biedt dr. Niels van der Weerdt vanuit de Erasmus Universiteit al negen jaar de leergang Sociale Innovatie aan voor havenmedewerkers. ‘Ik heb hem direct een mailtje gestuurd.’ Van Boekholt zag de overeenkomsten tussen de zorg en de havens. ‘Havenmedewerkers zijn doeners. Net als in de zorg gaat het om een doelgroep die de voeten in de klei heeft.’

Een opzet voor de leergang Vernieuwend Werken in de Zorg was daarom vrij snel gemaakt. Van der Weerdt: ‘Ik reik de algemene kennis aan. Vervolgens kijken we naar de specifieke issues in de sector. Innovatie heeft nogal een negatieve bijklank omdat het geregeld verkeerd wordt ingezet. Daarom zoek ik in mijn netwerk naar mensen die hierover vanuit de praktijk kunnen vertellen, zoals bestuursvoorzitter André Brand van HilverZorg. Hij heeft voorbeelden van waar het goed gaat, maar ook waar het niet goed kan werken. Ik ben overtuigd van de voordelen van sociale innovatie, maar halleluja-verhalen zul je tijdens de leergang niet horen. Dat is ook de inbreng die wij hebben vanuit de universiteit – we fungeren als curator van hoogwaardige kennis.’

Van der Weerdt merkt dat de thematiek in veel sectoren speelt. Daarom heeft hij dit jaar de Sociale Innovatie Academie opgericht; een sociale onderneming binnen de Erasmus Universiteit. ‘We willen de inzichten op grotere schaal aanbieden. Uitgangspunt is om dat altijd samen te doen met partners, zoals in de zorg met Reinaerde en de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland.’

Van Boekholt legde ook contact met het Actie Leer Netwerk, onderdeel van het actieprogramma Werken in de Zorg van het ministerie van VWS. Daarna sloten zeven zorgorganisaties zich al snel aan. Wat trok ze over de streep om medewerkers aan de leergang te laten meedoen? ‘De nodige overtuigingskracht’, zegt Van Boekholt. ‘En we werken met bewezen ingrediënten door de ervaringen uit het haventraject. Daarnaast spelen we in op de behoefte van organisaties om bepaalde mensen te behouden. Die zeven organisaties zeiden: we laten ons belangrijkste goud hieraan meedoen.’

Zoomsessie Vernieuwend Werken in de Zorg

Leidinggevende biedt hulp

Bijzonder aan Vernieuwend Werken in de Zorg is dat medewerkers samen met hun leidinggevende aan de slag gaan. De deelnemers werken aan hun eigen verbeteridee. De leidinggevenden staan ze bij met raad en daad. ‘Dat was de inbreng van Maartje’, zegt Van der Weerdt. ‘Ik heb aangedrongen op dat duo-schap’, vertelt Van Boekholt, ‘omdat de leidinggevende een essentiële rol heeft als sponsor of als partner – ze moeten dat bieden wat de zorgmedewerker nodig heeft om het idee een plek te geven.’

Meer nog dan in de havens gaan de zorgmedewerkers tijdens de leergang aan de slag met een eigen project. ‘We willen echt de verbinding maken met de praktijk’, zegt Van Boekholt. ‘Het eigen idee van de deelnemers is onderdeel van de lessen. Je moet kennis toepassen om het in de haarvaten te krijgen. En er komt iets concreets uit waar ze in de organisatie mee verder kunnen.’

Ze noemt een concreet voorbeeld uit de pilot: een van de deelnemers vertelde dat bewoners van de zorglocatie onrustig worden van het feit dat ze niet goed weten wat er op een dag allemaal moet gebeuren. Het kost veel tijd om steeds naar die mensen terug te gaan om ze dat te vertellen. Ze kwam vervolgens met een idee uit de horeca. Daar wordt soms met buzzers gewerkt. Haar gedachte was: als we die aan de cliënten geven dan bieden we ze visueel inzicht, we maken gebruik van een techniek die al bestaat en het levert tijd en rust op voor de medewerkers. Het is heel mooi dat de zorgmedewerker buiten de eigen sector heeft gekeken voor een oplossing, vindt Van Boekholt. ‘En ze is vervolgens zelf ook met leveranciers in contact getreden.’

Vetrouwen geven

‘Het mooie is dat werkgevers hun medewerkers vertrouwen geven door ze aan deze leergang te laten deelnemen’, zegt Van der Weerdt. ‘Als organisatie zeg je: je mag een innovatief idee gaan uitwerken en in principe gaan we dat ook gewoon uitvoeren.’ In de havens zijn verschillende medewerkers die de leergang hebben gevolgd inmiddels doorgegroeid naar leidinggevende functies, vertelt hij. ‘Zij hebben meegekregen hoe belangrijk dat vertrouwen is. Daardoor gaan ze zelf ook op een andere manier leidinggeven. Zo ontstaat van onderaf – vanaf de werkvloer – een bepaalde vernieuwing die je niet topdown kunt invoeren. Dat is de kracht van dit programma.’

De deelnemers aan Vernieuwend Werken in de Zorg hebben ook veel gehad aan het contact met elkaar, stelt Van Boekholt. ‘Zorgprofesionals van verschillende organisaties spreken elkaar normaal gesproken zelden. Nu konden ze ervaringen uitwisselen.’ Het is mooi om te zien wat voor een gigantische sprong de deelnemers hebben gemaakt in hun ontwikkeling en in leiderschap, vult De Schipper aan. ‘We hadden wel verwacht dat het ook iets doet met het werkgeluk van de deelnemers en dat is uitgekomen. Verschillende deelnemers vertelden ons vooraf dat ze op een T-splitsing stonden: wilden ze nog wel doorgaan bij deze werkgever of in deze sector? Ze wilden weer plezier krijgen in hun werk en zichzelf daarin ontwikkelen. Dat is zeker het effect van de leergang: dat ze behouden zijn gebleven voor de zorg.’

"We willen echt de verbinding maken met de praktijk. Het eigen idee van de deelnemers is onderdeel van de lessen. Je moet kennis toepassen om het in de haarvaten te krijgen. En er komt iets concreets uit waar ze in de organisatie mee verder kunnen."

Van fysiek naar digitaal

De kick-off van de leergang Vernieuwend Werken in de Zorg vond nog plaats bij VGN in Utrecht, vertelt Maartje van Boekholt. ‘De dag erna was de eerste corona-persconferentie van premier Rutte. Toen hebben we het programma omgegooid. We moesten meer digitaal gaan doen – dingen aanpassen en wendbaar zijn.’

De initiatiefnemers gebruiken hiervoor online-engagementplatform Plek. Op Plek konden de deelnemers digitaal kennis delen. Ook konden ze alle informatie en lesstof op het platform vinden.

Directeur Rik Mulder van Plek: ‘Engagement draait om gehoord worden, geprikkeld worden om mee te denken en dat delen met anderen. Dan krijg je een lerende organisatie.’ De gedachte achter Vernieuwend Werken in de Zorg sluit volgens hem mooi aan bij de filosofie van Plek. ‘Door kennisdeling ontstaat de innovatieve mindset. Iedereen in de organisatie die ideeën heeft en die graag iets wil bijdragen kun je daarbij betrekken.’

De top van organisaties is vaak sceptisch over de rol van medewerkers bij innovatie, is de ervaring van Mulder. ‘Als je op zoek bent naar ‘the next big thing’ dan werkt het inderdaad meestal niet. Maar als je het kleiner en praktischer maakt en je telt een serie ideetjes bij elkaar op, dan maakt dat echt wel een verschil. En wat ik zelf ook belangrijk vind: je geeft mensen de mogelijkheid om hun ideeën te spuien. Als ze die niet kwijt kunnen – als er niemand naar ze luistert – worden ze cynisch en raken ze gedemotiveerd.’